Het Zuidelijk en BERLIN

De enige die nooit erkenning krijgt is de vervalser. Tenzij hij ontmaskerd wordt.

True Copy

Op 6 mei 1994 vallen de gendarmes binnen op het Franse landgoed van Geert Jan Jansen. Ze stoten er op meer dan 1600 werken van grootmeesters als Picasso, Dalí, Appel, Matisse en Hockney. Opmerkelijk detail: het gros ervan blijkt uit het penseel van de Nederlander te komen.

Ik ben een verlichter

Geert Jan weet gedurende meer dan twintig jaar de kunstwereld in het ootje te nemen. Hij doet dit zo overtuigend dat Picasso en Appel nietsvermoedend echtheidscertificaten uitschrijven bij werk dat hij fabriceert. “Ik ben geen oplichter, ik ben een verlichter,” zegt hij er zelf over. “Ik denk dat ik hen best wat werk uit handen heb genomen.”

Tot op de dag van vandaag hangen er in musea wereldwijd nog steeds vier werken waarvan niemand vermoedt dat ze eigenlijk uit de koker van Geert Jan komen. Een spellingsfout in een certificaat dat hij uitschrijft bij een werk “in de stijl van” Chagall doet hem na vele jaren uiteindelijk de das om. Hij wordt gevat door een Duitse hoofdcommissaris en verandert zo plotsklaps in een van de meest beroemde oplichters binnen de kunstwereld.

Een briljante leugen

Yves Degryse

Concept

Bart Baele

Concept

Geert Jan Jansen

Spel

Geert De Vleesschauwer

Video

Het Zuidelijk
houdt je op de hoogte

Bedankt! We hebben een e-mail gestuurd naar